Een veelgestelde vraag: “Moet mijn grondstof droog zijn voor ik pelletiseer?” Het antwoord is iets subtieler: de vochtigheidsgraad moet tussen 12 en 14% liggen — niet droger, niet natter.
Wat gebeurt er bij te vochtig materiaal?
Boven 16% vocht plakt uw materiaal vast aan de matrijs, de persdruk daalt, en de pellets komen er zacht, bros en breekbaar uit. Erger: een te vochtige pellet schimmelt in opslag en wordt onverkoopbaar.
En bij te droog materiaal?
Onder 10% is er te weinig lijmcomponent — de natuurlijke lignine in het materiaal laat zich niet goed activeren door wrijving en warmte. Resultaat: pellets die niet goed binden, veel fijnstof bij het persen en snelle slijtage van de matrijs.
Hoe meet u vocht?
Een eenvoudige vochtmeter voor biomassa (€50 – €300) volstaat voor dagelijks gebruik. Voor grotere installaties integreren we inline vochtsensors in de productielijn zodat u continu kunt monitoren.
Wat als het te nat is?
Voordrogen — met een warmeluchtdroger of door natuurlijke droging onder afdak. Bij materialen met variabele vochtigheid (vooral houtzaagsel en mest) adviseren we een droogstap vooraf om consistente output te garanderen.
Onthoud: vochtmeting is het eerste wat u doet, niet het laatste. Pas als uw materiaal op 12-14% zit heeft het zin om te pelletiseren.
In ons advies bespreken we altijd de volledige voorbewerking, niet enkel de pers. Contacteer ons voor een doorlichting van uw productieproces.

